zaterdag 4 april 2015

Mijn vader was poppenspeler

Toen Jan Nelissen klein was zag hij de poppenkast op de Dam en wist meteen: later word ik poppenspeler. 27 Jaar na zijn dood vertelt zijn zoon Servaes Nelissen (ook poppenspeler) het verhaal van zijn vader. Als kleine jongen mocht Servaes zijn vader helpen en was buitengewoon trots op hem. In een omgebouwde geribbelde citroënbus reed zijn vader door het land. Op de standplaats deed hij aan de achterkant, als bij een ijscowagen, een klep open, zijn benen stak hij door een luik in de vloer en spelen maar. Eigen verhalen maar ook Jan Klaassen en Katrijn. Jammer dat het poppentheater (zeg nooit poppenkast) toendertijd nooit echt erkenning kreeg.
Servaes speelt, anders dan zijn vader, zelf ook een rol in zijn stukken. In dit verhaal is hij grappig genoeg terug te zien als handpop, net als zijn vader en moeder, die je gelijk herkent van de foto's die eerder getoond worden. We zien scènes vóór de kast, met een modelcitroënbus waarover Servaes vertelt, maar ook in de kast als pa een dutje probeert te doen terwijl zijn kinderen (zes jongens en een meisje) naar Studio Sport kijken. Grappig en voor de familie zeer herkenbaar begreep ik uit de hilariteit uit een bepaalde hoek van de zaal. De handpoppen van Jan Nelissen krijgen ook een rol in het stuk, door hun afwezigheid want ze zijn ergens opgeslagen in een depot met klimaatbeheersing en mogen daar niet meer uit.
Er kan wat meer vaart en pit in hier en daar maar Mijn vader was poppenspeler is een persoonlijke en sympathieke voorstelling geworden. Diewertje Blok maakte een leuk interview met Servaes, klik hier, (op 14 minuten).

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen