dinsdag 23 juni 2015

Klaplopen

De vrouw met het kastanjebruine haar trippelde net de poort van de bieb uit toen de man kwam aanlopen. Zij, een goed geconserveerd vrouwtje van in de vijftig, parmantig op haar hakjes, haar grote bruine ogen altijd wijd open, klaar om contact te maken. Hij, een kalende zestiger, in zichzelf lachend om een binnenpretje, was op weg naar huis.
Ze zei: 'Wat kijkt u vriendelijk, u heeft zeker een leuke dag!' Hij was verrast, waar kende hij haar ook alweer van, maar antwoordde: 'Ja zeker, ik liep net gezellig door de Vijfhoek, daar is de kunstlijn'. Nee, dat wist ze niet maar ze luisterde geïnteresseerd naar wat hij erover vertelde. Toen zei ze: 'U kunt me misschien wel even helpen met mijn fiets. Hij is stuk en ik heb eigenlijk geld nodig om hem te laten maken'. Ineens herinnerde de man zich weer de reputatie van deze charmante vrouw. Klaplopen is een ouderwets woord maar zij wist precies wat het betekende. Hij rukte zich los uit zijn betovering en mompelde slapjes: 'Nee, ik moet weg, ik moet naar mijn vrouw!'. De brunette keek hem na. 'Sukkel' dacht ze bij zichzelf.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen